Bekijk Artikel

07

Het historisch landschap tussen Bos van Aa en Kollintenbos is, samen met het omwald gedeelte van Bos van Aa, eigendom van Waterwegen en Zeekanaal (W&Z). Het beheer van het omwald gedeelte van het Bos van Aa (zijnde de vroegere zandgroeven) is in 2013 overgedragen aan Natuurpunt. Voor het beheer van het historisch landschap in de buurt, dat nu grotendeels worden bewerkt als landbouwgrond, mogen plaatselijke landbouwers dit beheer op zich nemen.  De landbouwers krijgen hiervoor de steun van het agrobeheercentrum Eco².  Doordat het Bos van Aa Europees beschermd is moeten er bepaalde “natuurdoelstellingen” behaald worden en daarvoor is een specifiek beheer noodzakelijk.  Hiervoor heeft Natuurpunt in samenspraak met W&Z, het Agrobeheercentrum Eco² en ANB een beheerplan opgemaakt voor dit gebied.   Aan de hand daarvan weten de landbouwers welke werkzaamheden op welk perceel uitgevoerd mogen en moeten worden. 

Lokale landbouwers ingeschakeld voor natuurbeheer

De doelstellingen die gerealiseerd moeten worden gaan vooral over extensief graslandbeheer, aanleg van poelen voor de kamsalamander en aanleg van kleine landschapselementen .De beheerwerken worden zoveel mogelijk uitgevoerd door lokale landbouwers. Het beheerplan en de ondersteuning vanuit het Agrobeheercentrum Eco² zijn hier de leidraad.  We merken wel dat door de specifieke voorwaarden heel wat van deze werken niet rendabel zijn en dat er dus naar ondersteuning gezocht moet worden.  Gelukkig kunnen we hiervoor beroep doen op ondersteuning vanuit de overheid en de gemeente” zegt Mathias D’Hooghe van het Agrobeheercentrum Eco².  Zo werd er in 2015 een investeringssubsidie natuur goedgekeurd waarbij het Agentschap voor Natuur en Bos financiële ondersteuning geeft voor inrichtingswerken en beheerwerken in het gebied gepland van 2015 tot en met 2017.  

  Sinds 2015 zijn er vijf percelen met een totale oppervlakte van 7.5 ha in beheer volgens het beheerplan.  Binnen de groep werden drie plaatselijke landbouwers aangesteld die het beheer van de percelen op zich nemen.  Twee van de percelen werden omgevormd van akkerland naar grasland.  Alles wordt gemaaid volgens een afgesproken maaischema.  Een aantal percelen worden uitgemijnd. Dit wil zeggen dat men de grond zoveel mogelijk verschraalt en vooral het fosofor gehalte probeert te verlagen.   Op lange termijn zullen zich hier extensieve graslanden ontwikkelen zoals  glanshaverhooilanden en dotterbloemgraslanden.  De andere percelen zijn momenteel nog in landbouwgebruik.  De landbouwers zullen deze percelen tot hun pensioen of 70 jaar kunnen bewerken.

Om deze graslanden nog beter geschikt te maken voor de daarop rustende natuurdoelstellingen werd er in samenspraak met natuurbeheerders en de landbouwers enkele kleine en 2 grote houtkanten aangeplant.  Er werd gekozen om met inheemse soorten zoals hazelaar, meidoorn, Sleedoorn, liguster, sporkehout en veldesdoorn te werken.  Recent werden er ook 2 poelen gegraven voor de kamsalamander.

Meerwaarde van het project investeringssubsidie natuur.

Dit project gaf ons de kans om samen met lokale landbouwers in te zetten op het realiseren van Natura 2000-doelstellingen en de landbouwers te vergoeden voor de werkzaamheden die hiervoor noodzakelijk zijn.  We kregen heel wat positieve reacties op deze manier van samenwerken en hopen in de toekomst een positief vervolg te kunnen breien aan dit verhaal.  Vanuit het agrobeheercentrum zien we in een aantal specifieke gevallen en onder bepaalde voorwaarden voordelen om landbouwers te betrekken bij het realiseren van Natura 2000-doelstellingen.  Om dit verhaal tot een succes te maken is een degelijke begeleiding, goede samenwerking met alle betrokken actoren, bereidwilligheid van landbouwers om mee te werken en een economische onderbouwing van de werkzaamheden van groot belang. 

Foto van de gegraven poel (Foto: Wiske Teugels)

Actions: E-mail | Permalink |