Bekijk Artikel

25
Het succes van de bever vormt in toenemende mate een uitdaging. Het is nodig om een evenwicht te vinden tussen soortbescherming en schadebeperking. De eerste Vlaamse waarnemingen van de Europese bever - nadat de soort in onze contreien was uitgeroeid - dateren van het jaar 2000. 20 jaar later is de bever opnieuw een soort om mee rekening te houden. Het aantal beverterritoria in Vlaanderen steeg begin 2019 tot 187. De meeste bevers komen voor in de Grensmaasregio, waar het Leader-project ‘Samenwerking tussen bevers en landbouwers in Noordoost Limburg’ bijna ten einde loopt. Watering Het Grootbroek en het agrobeheercentrum Eco² blikken graag terug op de belangrijkste bevindingen.


   
Bevers zijn vooral 's nachts actief en slapen overdag. De schade die bevers veroorzaken is tweeledig: indirect als gevolg van overstromingen en direct, zoals bijvoorbeeld vraatschade aan gewassen en bomen. Foto's  Waterring Het Grootbroek


Beaver deceiver

De grootste vrees omtrent het samenleven met bevers betreft het risico op vernattingschade, door de dammen en burchten die de dieren oprichten. In het project werden verschillende types van de zogenaamde ‘beaver deceiver’ getest om voldoende doorstroom van water langs beverdammen te verzekeren. Een beaver deceiver is simpelweg een buis die door of langs de beverdam wordt gelegd. Daarlangs kan het water afgevoerd worden zonder de dam te vernietigen. “Dat is nodig omdat het verwijderen van beverdammen niet altijd mag, en ook vaak geen oplossing biedt”, zegt Patrick Golkowski van Watering Het Grootbroek. “Afgebroken dammen worden soms al binnen 2 dagen heropgebouwd, of simpelweg vervangen door een andere dam even verderop.” De experimenten toonden aan dat bevers niet alleen geweldige bouwers blijken te zijn, ook hun intelligentie is fenomenaal. “Of we nu werkten met kooien rond de ingang van de buis, of met L-vormige ingangstukken die in variabele positie werden gezet, de bever vond steeds het lek en werkte de toegang dicht met modder en takken. Uiteindelijk werd het beste resultaat bereikt met een doorsteek die ’s nachts dicht blijft, en pas overdag wordt opengezet - wanneer de bever slaapt.” Echter niet alleen het vernuft van de dieren vormde een uitdaging. Ook de droogte van de afgelopen zomers speelde het project parten. Door de extreem lage watertafels konden de experimenten niet overal doorgaan zoals gepland. “We hadden graag meer tests gedaan”, aldus Golkowski, “al lijken we met de laatste opstelling wel goed te zitten.”

Het meest succesvolle type beaver deveiver wordt uitgetest in de Itterbeek. Om te vermijden dat de bevers de doorsteek opvullen, zorgt een klep ervoor dat deze alleen overdag werkt, wanneer ze slapen. Foto: Waterring Het Grootbroek

  

Bever en mens

De bever is bij het brede publiek een graag geziene gast. Deze soort wist in enkele jaren tijd een gunstige staat van instandhouding te bereiken. Maar lokaal ontstaat wrevel bij dit succes, met name daar waar schade optreedt. “Er is wel degelijk een onderschat draagvlakprobleem op het terrein”, stelt Steve Meuris van het agrobeheercentrum Eco². “Maar dit toeschrijven aan enkele angstige landbouwers strookt niet met onze bevindingen. Ten eerste hoor ik de meeste landbouwers met veel respect praten over de bever, meer dan ik zelf had verwacht. Ten tweede is het een illusie dat het draagvlakprobleem rond de soort louter een landbouwkwestie zou zijn. De schade die bevers veroorzaken is tweeledig: indirecte schade als gevolg van overstromingen en directe schade zoals vraatschade aan gewassen en bomen of aantastingen van dijken en oeververstevigingen. Beverschade treft zo ook lokale en bovenlokale waterbeheerders, boseigenaars, particulieren, en zelfs bepaalde natuurliefhebbers. Denk maar aan terreinen die overstromen met voedselrijk water, waardoor in één klap decennialang verschralingsbeheer in rook opgaat.” Het schoentje knelt volgens Meuris in belangrijke mate bij een ontoereikende schaderegeling. “Particuliere schade komt bij voorbaat al niet in aanmerking voor een wildschadevergoeding door het Agentschap Natuur en Bos. Landbouwschade kan in theorie wel vergoed worden, maar dan moet deze om te beginnen hoger zijn dan 300 euro. Voor vraatschade moet de landbouwer bovendien nog eens voorzorgsmaatregelen hebben getroffen wil hij schade kunne claimen. Die vallen in de realiteit veel te duur uit. In de praktijk worden momenteel dus heel wat schadelijders uitgesloten van compensaties. Wanneer schadelijders zich niet gehoord voelen, ontstaan wrange gevoelens die het draagvlak vanzelfsprekend niet ten goede komen. Aansluitend zorgt dit voor hiaten in de schademonitoring, want al deze schade wordt uiteraard niet gerapporteerd. Deze problematiek heeft echter niets te maken met de bever an sich maar zit verankerd in de Vlaamse wetgeving, in het Soortenschadebesluit. Deze bevindingen gelden immers ook voor bijvoorbeeld de everzwijnenproblematiek.” 


Nieuwe plannen, nieuwe kansen

Toch is de stemming omtrent het spanningsveld tussen terreineigenaars en bevers hoopvol. Momenteel wordt immers het Vlaamse soortbeschermingsplan voor de bever geëvalueerd. Zowel het Agrobeheercentrum Eco² als Watering het Grootbroek zien dit als een kans. “Problemen in de wetgeving kunnen niet rechtstreeks via zulk een plan worden opgelost”, aldus Meuris. “Wel is het belangrijk om via dit kanaal het juiste signaal te geven en de knelpunten zoals wij ze vaststellen te benoemen. Het is aan het beleid om daar op een juiste manier mee om te gaan. Ik heb echter goede hoop dat de beleidmakers niet blind blijven voor wat leeft op het terrein.” Naast een herziening van de schaderegeling wordt bij de evaluatie van het soortbeschermingsplan ook geijverd voor een eenvoudiger mandaat voor de waterbeheerders, om zelfstandig maatregelen te kunnen treffen rond het beheren van beverdammen. “We zijn als watering vragende partij om de administratie rond de te nemen maatregelen efficiënter te doen verlopen”, stelt Golkowski. “Dat zou zowel ons als de betrokken administraties een pak werk besparen. Als onze aanbevelingen worden opgenomen in het nieuwe beschermingsplan kan hierrond op relatief korte termijn vooruitgang worden geboekt.” Positieve signalen dus, al zal dit proces hoe dan ook langer duren dan de heropbouw van een beverdam...


Meer info

Contact: Steve Meuris, 016 28 64 55, steve.meurisATagrobeheercentrum.be
Lees hier ook het artikel zoals verschenen in Boer&Tuinder op 22/05/2020.



Logo EU hoge kwaliteit
Vlaanderen
Provincie Limburg leader_logo_kempen_en_maasland
Met steun van ELFPO


Actions: E-mail | Permalink |
);