Triple C

Samen landbouw en omgeving klimaatbestendiger maken

Triple C staat voor ‘Climate resilient Community-based Catchment planning and management’. Binnen dit Interreg 2 Zeeën-project werken 12 partners uit Engeland, Vlaanderen en Nederland, met steun van de Europese Unie, samen om kennis uit te wisselen over hoe landbouw en bij uitbreiding plattelandsgemeenschappen zich beter kunnen wapenen tegen de impact van de klimaatverandering.

Landbouwers worden vaak als eerste getroffen door de effecten van de klimaatverandering. Periodes van extreme droogte en wateroverlast wisselen elkaar steeds frequenter af, en hebben een grote economische impact op sector. Ook voor plattelandsgemeenten die daardoor te maken krijgen met water- en modderoverlast betekent dit een zeer grote maatschappelijke kost. Laagdrempelige maatregelen zoals stuwpeilbeheer of peilgestuurde drainage, kunnen vaak een heel verschil betekenen. Binnen het project zullen de partners beste praktijken met elkaar uitwisselen en concreet in een aantal gebieden toepassen.

In Vlaanderen werken de volgende partners samen: Provincie Antwerpen, Inagro vzw, ABC Eco², PCM, PCG en VMM verspreid over Antwerpen, Oost- en West-Vlaanderen. Vanuit ABC Eco² zullen we landbouwers begeleiden bij gebiedsgericht samenwerken rond water- en bodembeheer.

Filmpje peilgestuurde drainage:
Animatie peilgestuurde drainage

Doelstellingen

Ons klimaat is aan het veranderen. We voelen steeds vaker dat de natuur zich van zijn extremere kant laat zien. We ondervinden een steeds snellere opvolging van droogteperiodes en langere periodes van hevige neerslag. Triple C is een Interreg 2 Zeeën-project dat streeft naar klimaatadaptatie. Bijzonder aan dit project is de bottom-up benadering. We gebruiken de kennis van de mensen ter plaatse om een grotere realisatie te creëren.

De gevolgen van klimaatsverandering willen we draagbaar maken voor de maatschappij. We willen de gevolgen van extreme regenval en een lange droogteperiode kunnen beperken. We moeten onszelf dus in staat stellen om hevige regens op te vangen om zo wateroverlast te vermijden. Bijgevolg moeten we ook de erosie kunnen beperken die veroorzaakt wordt door die hevige regens. Dit kunnen we doen door tal van kleine brongerichte maatregelen te nemen. Aan de andere kant moeten we ook nadenken over het watertekort bij droge periodes.

Om in die opdracht te slagen hebben we de kennis nodig van mensen die heel nauw betrokken zijn de gronden waar we de klimaatadaptatie willen toepassen. Voor ons betekent dat de kennis van landbouwers bijzonder interessant is. Het is cruciaal om met de landbouwers en landeigenaren te betrekken bij de uitvoering van van het project.

Een overstroming gebeurt wanneer er te veel water komt op een plaats die de hoeveelheid niet meer aan kan. Het is te vergelijken met de file op de Antwerpse ring. Teveel auto's op een plaats zorgt voor stilstand. Die redenering is analoog met het gevolg van hevige neerslag. Om overstromingen te vermijden moeten we zorgen dat we het water eerst kunnen vasthouden alvorens het te laten afvoeren. Dit ontlast de beken en rivieren en is de kans op overstromingen minder groot.

Omdat de landbouwers hun gronden beter kennen dan wie dan ook kunnen zij het meest gedetailleerde informatie geven. We bekijken samen waar we stuwtjes in de sloten kunnen plaatsen. Deze stuwtjes houden het water vast en geven het water vertraagd af. Bijkomend voordeel is dat het water kan worden vastgehouden voor momenten van een drogere periode.

Wij gaan samen met de landbouwers na waar deze win-win situatie kan gevonden worden.  We zoeken naar enthousiaste landbouwers die willen meewerken aan deze klimaatadaptatie.

Resultaten

Het project spitst zich toe op drie stroomgebieden in Vlaanderen: Kleine Aa (Essen, Kalmthout; grensoverschrijdend met Roosendaal in Nederland), Bovenschelde (regio Maarkedal) en Rivierbeek (Pittem, Oostkamp). Per stroomgebied werd een netwerk van lokale landbouwers en andere gebruikers samengebracht via infovergaderingen en terreinbezoeken. Op basis van lokale terreinkennis (inspraak van lokale landbouwers) en hydrologen werd een kaart opgemaakt met prioritaire zones. Op basis van kennisuitwisseling tussen de verschillende partners in Nederland, Engeland en Vlaanderen werd een menukaart opgemaakt van mogelijke maatregelen per stroomgebied, die verder met de lokale landbouwers worden besproken in welke mate hiervoor interesse is en dit inpasbaar kan zijn op hun landbouwbedrijf. In de volgende fase van het project zullen we deze maatregelen op terrein implementeren en evalueren.

 

Meer info

Voor meer info over het project zie: www.triple-c-water.eu

Met steun van

 Triple-C-licht-blauwprovincie_antwerpen_logo_RGB